Nieuwe regels voor laadinfrastructuur bij niet-woongebouwen
Nieuwe verplichtingen gelden al sinds 2026, maar vanaf 2027 worden ook de regels voor bestaande niet-woongebouwen aangescherpt.
Met de EPBD IV, de vernieuwde Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen, worden de verplichtingen voor laadinfrastructuur uitgebreid. Het gaat daarbij om laadpunten, voorbekabeling en leidingdoorvoeren. De regels zijn van toepassing op niet-woongebouwen zoals kantoren, winkels, scholen, ziekenhuizen en horecagelegenheden.
Bestaande gebouwen
Vanaf 1 januari 2027 geldt voor bestaande niet-woongebouwen met meer dan twintig parkeerplaatsen een verplichting voor minimaal één laadpunt per tien parkeerplaatsen óf leidingdoorvoeren voor minimaal de helft van de parkeerplaatsen. De aanwezige laadpunten moeten geschikt zijn voor slim laden.
Bij het berekenen van het benodigde aantal laadpunten wordt naar boven afgerond. Bij 21 parkeerplaatsen zijn bij de keuze voor laadpunten dus minimaal drie laadpunten nodig.
Voor eigenaren van bestaande gebouwen is het daarom verstandig om nu al te bepalen welke optie het beste past. Je kunt het aantal laadpunten uitbreiden of, naast het al verplichte laadpunt, kiezen voor leidingdoorvoeren.
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie
Voor nieuwbouw en ingrijpende renovaties gelden de aangescherpte eisen sinds 29 mei 2026. Niet-woongebouwen met meer dan vijf parkeerplaatsen moeten minimaal één laadpunt per vijf parkeerplaatsen hebben. Voor kantoorgebouwen geldt een strengere eis van minimaal één laadpunt per twee parkeerplaatsen. De laadpunten moeten geschikt zijn voor slim laden.
Daarnaast moet minimaal 50% van de parkeerplaatsen worden voorzien van voorbekabeling. Voor de overige parkeerplaatsen zijn leidingdoorvoeren nodig, zodat daar later eenvoudiger laadpunten kunnen worden geïnstalleerd.
Een renovatie geldt als ingrijpend wanneer meer dan 25% van de oppervlakte van de gebouwschil wordt verbouwd. De regels voor laadinfrastructuur gelden daarbij als de renovatie ook betrekking heeft op het parkeerterrein, de parkeergarage of de elektrische infrastructuur van het gebouw of de parkeerplaats.
Bedragen de kosten voor de vereiste laadinfrastructuur meer dan 10% van de totale renovatiekosten? Dan vervalt de verplichting. Dit moet met offertes worden onderbouwd. Het bevoegd gezag bepaalt per situatie of deze uitzondering geldt.
Welke parkeerplaatsen tellen mee?
De eisen gelden voor parkeerplaatsen die bij het gebouw horen, zowel binnen als buiten. Het gebouw en het parkeerterrein moeten dezelfde eigenaar hebben en het parkeerterrein moet bestemd zijn voor gebruikers van het gebouw. Parkeerplaatsen in de openbare ruimte, bijvoorbeeld op gemeentegrond, tellen niet mee.
Voor onder andere autobedrijven, schadeherstelbedrijven, camper- en caravanbedrijven, truckbedrijven, aanhangwagenbedrijven en verhuur- en deelautobedrijven geldt een uitzondering. Parkeerplaatsen die worden gebruikt voor stalling, opslag of handelsvoorraad tellen niet mee.
En bij netcongestie?
Ook bij netcongestie kunnen voorzieningen voor laadinfrastructuur worden getroffen. Dynamic Load Balancing kan bijvoorbeeld helpen om binnen de grenzen van de bestaande netaansluiting meerdere laadpunten te gebruiken. Is het nog niet mogelijk om laadpunten aan te sluiten? Dan kunnen leidingdoorvoeren en voorbekabeling tijdelijk invulling geven aan de eisen.
Voor het verplichte aantal laadpunten maakt het laadvermogen geen verschil. Een AC-laadpunt en een DC-snellaadpunt tellen beide als één laadpunt.
Een externe partij kan de laadpunten installeren en exploiteren. De gebouweigenaar blijft er wel verantwoordelijk voor dat de laadpunten aan de eisen voldoen en blijft het aanspreekpunt voor het bevoegd gezag.
Overgangsrecht
Is de omgevingsvergunning voor nieuwbouw of een ingrijpende renovatie vóór 29 mei 2026 aangevraagd? Dan gelden de eerdere eisen uit de EPBD III. De opleverdatum speelt hierbij geen rol. Is een eerdere aanvraag afgewezen en na 29 mei 2026 opnieuw ingediend? Dan gelden de nieuwe regels.
Voor bestaande gebouwen die tussen 28 mei 2022 en 28 mei 2024 zijn gerenoveerd om aan de eerdere laadpuntverplichting te voldoen, geldt overgangsrecht. Voor deze gebouwen gaan de aangescherpte eisen pas op 1 januari 2029 in.
Wat betekent dit voor jou?
Heb je een bestaand niet-woongebouw met meer dan twintig parkeerplaatsen? Dan gelden vanaf 1 januari 2027 in principe de nieuwe eisen. Het is daarom verstandig om ruim vóór die datum te bepalen wat er op jouw locatie nodig en mogelijk is. Daarbij spelen niet alleen het aantal parkeerplaatsen en de wettelijke eisen een rol, maar bijvoorbeeld ook de beschikbare netcapaciteit en de verwachte laadbehoefte.
Op tijd voorbereid op de nieuwe eisen?
Wil je weten welke eisen voor jouw gebouw of parkeerterrein gelden en wat in jouw situatie een passende oplossing is? Wij brengen de huidige situatie, de wettelijke eisen en de mogelijkheden voor laadinfrastructuur graag met je in kaart. Zo weet je welke stappen nodig zijn om op tijd aan de nieuwe eisen te voldoen.